Arbeidsrecht, Arbeidsrechtservice

Vier dagen werken, negen uur per dag. Is dit afdwingbaar?

In deze blog deelt advocaat Björn Berden zijn inzichten over flexibel werken

Het komt steeds vaker voor dat werknemers flexibel wensen te werken. In de praktijk krijg ik daar steeds vaker vragen over. Want een werknemer wilt graag flexibiliteit, maar voor sommige werkgevers kan dit leiden tot problemen. Hoe ver reikt het recht op flexibel werken eigenlijk?

In een recente uitspraak van de kantonrechter Zwolle kwam dit aan bod. In deze uitspraak heeft een werknemer met een fulltime dienstverband aan de werkgever verzocht om zijn werkweek anders in te delen: vier dagen van negen uur, met een vaste vrije dag. De werkgever ging deels mee door de arbeidsduur te verlagen naar 36 uur, maar hield vast aan werkdagen van maximaal acht uur.

De werknemer stapte naar de rechter om dit alsnog af te dwingen. De rechter had begrip voor de wens van de werknemer, maar keek ook naar de gevolgen voor de organisatie. En die waren niet gering. De werkgever kon aantonen dat langere werkdagen zouden leiden tot rooster technische knelpunten. Bovendien speelde mee dat, als één werknemer deze ruimte krijgt, anderen mogelijk volgen. De werkgever kon in deze zaak aantonen dat die precedentwerking de bedrijfsvoering onder druk kan zetten. Daar komt bij dat de werkgever had meegedacht en een alternatief had geboden dat in de buurt kwam van de gewenste flexibiliteit. Dat alles samen maakte dat de werkgever het verzoek mocht weigeren.

Wat betekent dit in de praktijk?      
Wat ik vaak zie, is dat werknemers en werkgevers denken dat een verzoek tot aanpassing van werktijden in principe moet worden toegestaan. Maar de Wet flexibel werken vraagt om een belangenafweging, en die kan ook in het voordeel van de werkgever uitvallen. Flexibiliteit is dus geen absoluut recht.

Hoe kijkt advocaat Björn Berden hiernaar?
In dit soort situaties draait het om onderbouwing en een zorgvuldige afweging tussen de belangen van partijen. Werkgevers die helder kunnen maken welke organisatorische gevolgen een wijziging heeft, staan juridisch sterker. Tegelijkertijd loont het om mee te denken in alternatieven, dat wordt ook door de rechter meegewogen.

De vindplaats van de uitspraak: Ktr. Zwolle 17 maart 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:1499